16 Die u in de woestijn het manna liet eten, dat uw vaderen niet gekend hadden, opdat Hij u zou verootmoedigen en u op de proef zou stellen, om u uiteindelijk wel te doen;
Exodus 16
15 Toen de Israëlieten dat zagen, zeiden zij tegen elkaar: Wat is dat? Want zij wisten niet wat het was. Mozes zei tegen hen: Dit is het brood dat deHEERE u te eten gegeven heeft.
Exodus 16
31 Het huis van Israël gaf het de naam manna. Het was wit als korianderzaad, en de smaak ervan was als van een honingkoek.32 Verder zei Mozes: Dit is het woord dat deHEERE geboden heeft. Vul een gomer ervan om het te bewaren, al hun generaties door, zodat zij het brood zien dat Ik u in deze woestijn te eten heb gegeven, toen Ik u uit het land Egypte leidde.33 Ook zei Mozes tegen Aäron: Neem een kruik en doe daar een volle gomer manna in, en zet die voor het aangezicht van deHEERE om het te bewaren, al hun generaties door.34 Zoals deHEERE Mozes geboden had, zette Aäron het vóór de getuigenis om te bewaren.35 De Israëlieten aten veertig jaar lang het manna, totdat zij in bewoond gebied kwamen. Zij aten manna, totdat zij aan de grens van het land Kanaän kwamen.
John 6
31 Onze vaderen hebben het manna gegeten in de woestijn, zoals geschreven is: Hij gaf hun het brood uit de hemel te eten.
Numbers 11
7 Het manna leek op korianderzaad en de kleur ervan leek op de kleur van balsemhars.
Numbers 11
9 Telkens wanneer de dauw 's nachts op het kamp neerdaalde, daalde ook het manna daarop neer.
Psalm 78
24 Hij liet manna op hen regenen om te eten en gaf hun hemels koren.