Geboden (Engels, KJV)
| Secondary Keywords | Engels geboden handen litteken nagel tabletten tien wet |
|---|---|
| Schrift | 1 Corinthians 7:19 1 John 5:3 1 Kings 2:3 1 Timothy 6:14 Deuteronomy 6:1-2 Deuteronomy 6:17 Ecclesiastes 12:13 Exodus 20 Johannes 14:15 Proverbs 10:8 Psalms 105:45 Psalms 118:2 1 Corinthians 719 Besneden zijn is niets en onbesneden zijn is niets, maar het in acht nemen van de geboden van God. 1 John 53 For this is the love of God, that we keep his commandments. And his commandments are not burdensome. 1 Kings 23 Vervul je taak ten behoeve van deHEERE , je God, door in Zijn wegen te gaan, en door Zijn verordeningen, Zijn geboden, Zijn bepalingen en Zijn getuigenissen in acht te nemen, zoals geschreven staat in de wet van Mozes, opdat je verstandig zult handelen bij alles wat je doet, bij alles waar je je op richt. 1 Timothy 614 dit gebod onbevlekt en onberispelijk in acht te nemen, tot de verschijning van onze Heere Jezus Christus. Deuteronomy 61 Dit zijn de geboden, de verordeningen en de bepalingen die deHEERE , uw God, geboden heeft u te leren, om ze te doen in het land waar u naartoe trekt om het in bezit te nemen, 2 opdat u deHEERE , uw God, vreest door al Zijn verordeningen en Zijn geboden, die ik u gebied, in acht te nemen: u, uw kind en uw kleinkind, alle dagen van uw leven; en opdat uw dagen verlengd worden. Deuteronomy 617 U moet de geboden van deHEERE , uw God, Zijn getuigenissen en Zijn verordeningen, die Hij u geboden heeft, nauwgezet in acht nemen. Ecclesiastes 1213 De slotsom van al wat door u gehoord is, is dit: Vrees God, en houd u aan Zijn geboden, want dit geldt voor alle mensen. Exodus 201 Toen sprak God al deze woorden: 2 Ik ben deHEERE , uw God, Die u uit het land Egypte, uit het slavenhuis, geleid heeft. 3 U zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben. 4 U zult voor uzelf geen beeld maken, geen enkele afbeelding van wat boven in de hemel, of beneden op de aarde of in het water onder de aarde is. 5 U zult zich daarvoor niet neerbuigen, en die niet dienen, want Ik, deHEERE , uw God, ben een na-ijverig God, Die de misdaad van de vaderen vergeldt aan de kinderen, aan het derde en vierde geslacht van hen die Mij haten, 6 maar Die barmhartigheid doet aan duizenden van hen die Mij liefhebben en Mijn geboden in acht nemen. 7 U zult de Naam van deHEERE , uw God, niet ijdel gebruiken, want deHEERE zal niet voor onschuldig houden wie Zijn Naam ijdel gebruikt. 8 Gedenk de sabbatdag, dat u die heiligt. 9 Zes dagen zult u arbeiden en al uw werk doen, 10 maar de zevende dag is de sabbat van deHEERE , uw God. Dan zult u geen enkel werk doen, u, noch uw zoon, noch uw dochter, noch uw dienaar, noch uw dienares, noch uw vee, noch uw vreemdeling die binnen uw poorten is. 11 Want in zes dagen heeft deHEERE de hemel en de aarde gemaakt, de zee, en al wat erin is, en Hij rustte op de zevende dag. Daarom zegende deHEERE de sabbatdag, en heiligde die. 12 Eer uw vader en uw moeder, opdat uw dagen verlengd worden in het land dat deHEERE , uw God, u geeft. 13 U zult niet doodslaan. 14 U zult niet echtbreken. 15 U zult niet stelen. 16 U zult geen vals getuigenis spreken tegen uw naaste. 17 U zult niet begeren het huis van uw naaste. U zult niet begeren de vrouw van uw naaste, noch zijn dienaar, noch zijn dienares, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets wat van uw naaste is. 18 En heel het volk was getuige van de donderslagen, de bliksems, het bazuingeschal en de rokende berg. Toen het volk dit zag, sidderden zij en bleven op een afstand staan. 19 Zij zeiden tegen Mozes: Spreekt ú met ons, dan zullen wij luisteren, maar laat God niet met ons spreken, anders sterven wij. 20 Mozes zei tegen het volk: Wees niet bevreesd, want God is gekomen om u op de proef te stellen en opdat de vreze voor Hem u voor ogen staat, opdat u niet zondigt. 21 Het volk bleef op een afstand staan, maar Mozes naderde tot de donkere wolk, waar God was. 22 Toen zei deHEERE tegen Mozes: Zo moet u tegen de Israëlieten zeggen: U hebt zelf gezien dat Ik met u vanuit de hemel gesproken heb. 23 U mag naast Mij geen goden van zilver maken, en goden van goud mag u ook niet voor uzelf maken. 24 U moet voor Mij een altaar van aarde maken en daarop uw brandoffers en uw dankoffers, uw kleinvee en uw runderen offeren. Op elke plaats waar Ik Mijn Naam zal laten gedenken, zal Ik naar u toe komen en u zegenen. 25 Maar als u voor Mij een stenen altaar maakt, mag u dit niet bouwen van gehouwen stenen, want als u ze met uw houweel bewerkt, ontheiligt u ze. 26 En u mag niet langs trappen naar Mijn altaar klimmen, opdat uw naaktheid daarop niet zichtbaar wordt. John 1415 Als u Mij liefhebt, neem dan Mijn geboden in acht. Proverbs 108 The wise of heart will receive commandments, but a babbling fool will come to ruin. Psalm 10545 opdat zij zich aan Zijn verordeningen zouden houden en Zijn wetten in acht zouden nemen. Halleluja! Psalm 1182 Laat Israël toch zeggen: Zijn goedertierenheid is voor eeuwig. |








