De Israëlieten marcheren op bevel van de Heer rond de ommuurde stad Jericho en terwijl het volk schreeuwt en de priesters op hun trompetten blazen, storten de muren van de stad in.
30 Door het geloof zijn de muren van Jericho gevallen, nadat ze tot zeven dagen toe omringd waren geweest.
Joshua 6
20 Het volk juichte, toen zij op de bazuinen bliezen. En het gebeurde, zodra het volk het bazuingeschal hoorde, dat het volk een luid gejuich aanhief. En de muur stortte in en het volk klom de stad in, ieder recht voor zich uit, en zij namen de stad in.