14 En God zei: Laten er lichten zijn aan het hemelgewelf om scheiding te maken tussen de dag en de nacht; en laten zij zijn tot tekenen, en tot aanduiding van vaste tijden en van dagen en jaren!15 En laten zij tot lichten zijn aan het hemelgewelf om licht te geven op de aarde! En het was zo.16 En God maakte de twee grote lichten: het grote licht om de dag te beheersen en het kleine licht om de nacht te beheersen; en ook de sterren.17 En God plaatste ze aan het hemelgewelf om licht te geven op de aarde,18 om de dag en de nacht te beheersen en om scheiding te maken tussen het licht en de duisternis. En God zag dat het goed was.
Genesis 1
9 En God zei: Laat het water dat onder de hemel is, in één plaats samenvloeien en laat het droge zichtbaar worden! En het was zo.10 En God noemde het droge aarde en het samengevloeide water noemde Hij zeeën; en God zag dat het goed was.
Psalm 19
1 Een psalm van David, voor de koorleider.
Psalm 93
4 DeHEERE in de hoogte is machtiger dan het bruisen van machtige wateren, de machtige golven van de zee.
Psalm 95
5 Van Hem is ook de zee, want Híj heeft haar gemaakt, Zijn handen hebben het droge gevormd.