Tien geboden Hart - Rood
| Secondary Keywords | geboden hart Hebreeuws liefde rood tien vorm wet |
|---|---|
| Schrift | 1 John 2:3 1 John 5 2 John 1:6 Exodus 20 Johannes 14:15 Johannes 14:23 Johannes 15:10 John 14:21 Psalms 119:113 Psalms 119:163 Psalms 119:97 Romans 13:9 Romans 7:22 |
1 John 23 En hierdoor weten wij dat wij Hem kennen, namelijk als wij Zijn geboden in acht nemen. 1 John 51 Ieder die gelooft dat Jezus de Christus is, is uit God geboren; en ieder die Hem liefheeft Die geboren deed worden, heeft ook lief wie uit Hem geboren is.2 Hieraan weten wij dat wij de kinderen van God liefhebben, wanneer wij God liefhebben en Zijn geboden bewaren.3 Want dit is de liefde tot God, dat wij Zijn geboden in acht nemen; en Zijn geboden zijn geen zware last.4 Want al wat uit God geboren is, overwint de wereld; en dit is de overwinning die de wereld overwonnen heeft: ons geloof.5 Wie anders is het die de wereld overwint dan hij die gelooft dat Jezus de Zoon van God is?6 Hij is het Die kwam door water en bloed: Jezus, de Christus; niet door het water alleen, maar door het water en het bloed. En de Geest is het Die getuigt, omdat de Geest de waarheid is.7 Want drie zijn er die getuigen in de hemel: de Vader, het Woord en de Heilige Geest; en deze drie zijn één.8 En drie zijn er die getuigen op de aarde: de Geest, het water en het bloed; en deze drie zijn tot één.9 Als wij het getuigenis van de mensen aannemen, het getuigenis van God is groter; want dit is het getuigenis van God dat Hij van Zijn Zoon getuigd heeft.10 Wie gelooft in de Zoon van God, heeft het getuigenis in zichzelf; wie God niet gelooft, heeft Hem tot leugenaar gemaakt, omdat hij niet geloofd heeft het getuigenis dat God van Zijn Zoon getuigd heeft.11 En dit is het getuigenis, namelijk dat God ons het eeuwige leven gegeven heeft; en dit leven is in Zijn Zoon.12 Wie de Zoon heeft, heeft het leven; wie de Zoon van God niet heeft, heeft het leven niet.13 Deze dingen heb ik geschreven aan u die gelooft in de Naam van de Zoon van God, opdat u weet dat u het eeuwige leven hebt en opdat u gelooft in de Naam van de Zoon van God.14 En dit is de vrijmoedigheid die wij hebben in het toegaan tot God, dat Hij ons verhoort, telkens als wij iets bidden naar Zijn wil.15 En als wij weten dat Hij ons verhoort, wat wij ook bidden, dan weten wij dat wij het gevraagde, dat wij van Hem hebben gebeden, ontvangen.16 Als iemand zijn broeder ziet zondigen, een zonde niet tot de dood, dan moet hij tot God bidden, en Hij zal hem het leven geven, namelijk aan hen die niet zondigen tot de dood. Er is een zonde tot de dood; daarvoor zeg ik niet dat hij moet bidden.17 Elke ongerechtigheid is zonde; en er is zonde die niet tot de dood leidt.18 Wij weten dat ieder die uit God geboren is, niet zondigt; maar wie uit God geboren is, bewaart zichzelf en de boze heeft geen vat op hem.19 Wij weten dat wij uit God zijn en dat de hele wereld in het boze ligt.20 Maar wij weten dat de Zoon van God gekomen is en ons het verstand heeft gegeven om de Waarachtige te mogen kennen; en wij zijn in de Waarachtige, namelijk in Zijn Zoon, Jezus Christus. Die is de waarachtige God en het eeuwige leven.21 Lieve kinderen, wees op uw hoede voor de afgoden. Amen. 2 John 16 En dit is de liefde, dat wij wandelen naar Zijn geboden. Dit is het gebod zoals u vanaf het begin gehoord hebt dat u daarin moet wandelen. Exodus 201 Toen sprak God al deze woorden:2 Ik ben deHEERE , uw God, Die u uit het land Egypte, uit het slavenhuis, geleid heeft.3 U zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben.4 U zult voor uzelf geen beeld maken, geen enkele afbeelding van wat boven in de hemel, of beneden op de aarde of in het water onder de aarde is.5 U zult zich daarvoor niet neerbuigen, en die niet dienen, want Ik, deHEERE , uw God, ben een na-ijverig God, Die de misdaad van de vaderen vergeldt aan de kinderen, aan het derde en vierde geslacht van hen die Mij haten,6 maar Die barmhartigheid doet aan duizenden van hen die Mij liefhebben en Mijn geboden in acht nemen.7 U zult de Naam van deHEERE , uw God, niet ijdel gebruiken, want deHEERE zal niet voor onschuldig houden wie Zijn Naam ijdel gebruikt.8 Gedenk de sabbatdag, dat u die heiligt.9 Zes dagen zult u arbeiden en al uw werk doen,10 maar de zevende dag is de sabbat van deHEERE , uw God. Dan zult u geen enkel werk doen, u, noch uw zoon, noch uw dochter, noch uw dienaar, noch uw dienares, noch uw vee, noch uw vreemdeling die binnen uw poorten is.11 Want in zes dagen heeft deHEERE de hemel en de aarde gemaakt, de zee, en al wat erin is, en Hij rustte op de zevende dag. Daarom zegende deHEERE de sabbatdag, en heiligde die.12 Eer uw vader en uw moeder, opdat uw dagen verlengd worden in het land dat deHEERE , uw God, u geeft.13 U zult niet doodslaan.14 U zult niet echtbreken.15 U zult niet stelen.16 U zult geen vals getuigenis spreken tegen uw naaste.17 U zult niet begeren het huis van uw naaste. U zult niet begeren de vrouw van uw naaste, noch zijn dienaar, noch zijn dienares, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets wat van uw naaste is.18 En heel het volk was getuige van de donderslagen, de bliksems, het bazuingeschal en de rokende berg. Toen het volk dit zag, sidderden zij en bleven op een afstand staan.19 Zij zeiden tegen Mozes: Spreekt ú met ons, dan zullen wij luisteren, maar laat God niet met ons spreken, anders sterven wij.20 Mozes zei tegen het volk: Wees niet bevreesd, want God is gekomen om u op de proef te stellen en opdat de vreze voor Hem u voor ogen staat, opdat u niet zondigt.21 Het volk bleef op een afstand staan, maar Mozes naderde tot de donkere wolk, waar God was.22 Toen zei deHEERE tegen Mozes: Zo moet u tegen de Israëlieten zeggen: U hebt zelf gezien dat Ik met u vanuit de hemel gesproken heb.23 U mag naast Mij geen goden van zilver maken, en goden van goud mag u ook niet voor uzelf maken.24 U moet voor Mij een altaar van aarde maken en daarop uw brandoffers en uw dankoffers, uw kleinvee en uw runderen offeren. Op elke plaats waar Ik Mijn Naam zal laten gedenken, zal Ik naar u toe komen en u zegenen.25 Maar als u voor Mij een stenen altaar maakt, mag u dit niet bouwen van gehouwen stenen, want als u ze met uw houweel bewerkt, ontheiligt u ze.26 En u mag niet langs trappen naar Mijn altaar klimmen, opdat uw naaktheid daarop niet zichtbaar wordt. John 1415 Als u Mij liefhebt, neem dan Mijn geboden in acht. John 1421 Wie Mijn geboden heeft en die in acht neemt, die is het die Mij liefheeft, en wie Mij liefheeft, hem zal Mijn Vader liefhebben; en Ik zal hem liefhebben en Mijzelf aan hem openbaren. John 1423 Jezus antwoordde en zei tegen hem: Als iemand Mij liefheeft, zal hij Mijn woord in acht nemen; en Mijn Vader zal hem liefhebben, en Wij zullen naar hem toe komen en bij hem intrek nemen. John 1510 Als u Mijn geboden in acht neemt, zult u in Mijn liefde blijven, zoals Ik de geboden van Mijn Vader in acht genomen heb en in Zijn liefde blijf. Psalm 119113 Ik haat de halfhartigen, maar Uw wet heb ik lief. Psalm 119163 Ik haat de leugen en heb er een afschuw van, maar Uw wet heb ik lief. Psalm 11997 Hoe lief heb ik Uw wet! Hij is heel de dag mijn overdenking. Romans 139 Want dit: U zult geen overspel plegen, u zult niet doden, u zult niet stelen, u zult geen vals getuigenis geven, u zult niet begeren, en welk ander gebod er ook is, wordt in dit woord samengevat, namelijk hierin: U zult uw naaste liefhebben als uzelf. Romans 722 Want naar de innerlijke mens verheug ik mij in de wet van God. | |








