1 Een psalm van David, voor de koorleider.2 De hemel vertelt Gods eer, het gewelf verkondigt het werk van Zijn handen.3 Dag op dag spreekt overvloedig, nacht op nacht geeft kennis door.
Psalm 19
7 Aan het ene einde van de hemel is zijn opgang, zijn omloop is tot het andere einde; niets is verborgen voor zijn gloed.8 De wet van deHEERE is volmaakt, zij bekeert de ziel; de getuigenis van deHEERE is betrouwbaar, zij geeft de eenvoudige wijsheid.9 De bevelen van deHEERE zijn recht, zij verblijden het hart; het gebod van deHEERE is zuiver, het verlicht de ogen.10 De vreze desHEEREN is rein, zij houdt voor eeuwig stand; de bepalingen van deHEERE zijn waarachtig, met elkaar zijn zij rechtvaardig.
Psalm 8
3 Uit de mond van kleine kinderen en zuigelingen hebt U een sterk fundament gelegd, omwille van Uw tegenstanders, om de vijand en wraakzuchtige te laten ophouden.4 Als ik Uw hemel zie, het werk van Uw vingers, de maan en de sterren, die U hun plaats gegeven hebt,5 wat is dan de sterveling, dat U aan hem denkt, en de mensenzoon, dat U naar hem omziet?